header wiki – Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Beleg en inname in 1794

Uit Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Ga naar: navigatie, zoeken

Algemeen[bewerken]

Niet alle inwoners betreurden de inname van Nijmegen door de Fransen in november 1794. Dat kwam niet zozeer door sympathieën voor de revolutionaire ideeën van de Fransen en de patriotten maar meer door de ellende van de ingekwartierde Duitse en Engelse soldaten. Stadhouder Willem V had voor de verdediging van de Republiek hulp gekregen van Engelse en Duitse legers. De in Nijmegen gelegerde soldaten zorgden echter voor zeer veel overlast voor de bevolking. Men zag ze dan ook graag vertrekken. Er is zelfs sprake van het geven van tips voor mogelijke aanvallen aan het Franse leger. De Fransen waren eind oktober begonnen met de voorbereidingen voor een beleg. De eerste dagen bouwden ze rond de stad aanvalslinies en deelden ze de eerste speldenprikken uit. Op 6 november begonnen de zware beschietingen. De schade van de brandende kogels en houwitsergranaten was zeer groot door het uitbreken van diverse branden in de stad. De oproep aan de burgers om alvast een emmer met water voor de deur te zetten had niet mogen baten. Onder meer de Valkhofburcht en de Broerskerk raakten zwaar beschadigd. Na een gehaaste en wanordelijke ontruiming over een schipbrug, restte de achtergebleven soldaten op 8 november niets anders dan de overgave te tekenen.

Stadhouder Willem V[bewerken]

Stadhouder Willem V is voorafgaand aan het beleg meermalen in Nijmegen op inspectie geweest. Nog op 2 november was hij in de stad in gezelschap van zijn zoon Willem-Frederik, de toenmalige aanvoerder van het Nederlandse leger. Willem V kende de stad goed door zijn verblijf op het Valkhof in de jaren 1786-1787. Hij was toen door de patriottenopstand niet meer welkom in Den Haag en ook Paleis ’t Loo was te gevaarlijk voor hem geworden. Willem V toonde zich in 1794 zeer betrokken bij de verdediging van Nijmegen. De stadhouder was de laatste ‘vorstelijke’ bewoner van het Valkhof. Een jaar na de vernielingen door de Franse beschietingen werd besloten de Nijmeegse burcht te slopen.

Mislukte vlucht[bewerken]

De Engelse soldaten vluchtten in de nacht van 7 op 8 november met veel moeite via een deels verwoeste schipbrug uit Nijmegen. De laatste manschappen zouden deze brug in brand moeten steken en met de gierpont de Waal moeten oversteken. De schipbrug was inmiddels al in brand geschoten door de Fransen en ook de gierpont kreeg het zwaar te verduren. De soldaten van het regiment Bentinck op het veer zaten samen met hun gevolg (voornamelijk prostituees) gevangen op de losgeraakte boot. Ze werden na een helse nacht door de Fransen gered en krijgsgevangen gemaakt.

Huize Duckenburg[bewerken]

Nadat Karel de Stoute in 1473 kasteel Dukenburg had gekozen als hoofdkwartier, nam ruim 300 jaar later de Franse generaal Souham in 1794 zijn intrek in Huize Duckenburg. De staf van Souham was ingekwartierd in het naastgelegen en nu geheel verdwenen landhuis De Hulsen. Van het middeleeuwse kasteel Dukenburg was niet veel meer over. Begin achttiende eeuw was er niet meer dan een tot buitenhuis verbouwde orangerie. Het huidige Dukenburg is de in de negentiende eeuw tot landhuis verbouwde westelijke vleugel van de orangerie uit 1730.

Verantwoording[bewerken]

Teksten uit de tentoonstelling ‘Nijmegen onder vuur’ ter gelegenheid van de Open Archievendag 2008 (Regionaal Archief Nijmegen, 2008)

KENNISBANK
Verder graven in de historie van stad en omgeving
FACEBOOK
Op de hoogte blijven van het laatste nieuws van het Huis
EDUCATIE
Projecten en maatwerk voor het onderwijs
VERHALEN
Verteld verleden