Gezondheidscommissie (1867)

Uit Het Digitale Huis
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Let op: deze website is momenteel onder constructie. Helaas zullen hierdoor niet alle pagina's naar behoren functioneren. Onze excuses voor het ongemak!

Algemene gegevens
Naam : Gezondheidscommissie (1867)
Andere naam (namen):

{{#if: | * [[Andere naam::{{{Andere naam1}}}]]|}} {{#if: | * [[Andere naam::{{{Andere naam2}}}]]|}} {{#if: | * [[Andere naam::{{{Andere naam3}}}]]|}} {{#if: | * [[Andere naam::{{{Andere naam4}}}]]|}}

Bestaansperiode: Beginjaar::1867 - Eindjaar::1903
Rechtsvorm: Rechtsvorm::
Voorganger(s):

{{#if: Plaatselijke Commissie van Geneeskundig Toevoorzicht| * opvolger van::Plaatselijke Commissie van Geneeskundig Toevoorzicht|}} {{#if: | * [[opvolger van::{{{Voorganger2}}}]]|}} {{#if: | * [[opvolger van::{{{Voorganger3}}}]]|}} {{#if: | * [[opvolger van::{{{Voorganger4}}}]]|}}

Opvolger(s):

{{#if: Gezondheidscommissie (1903)| * voorganger van::Gezondheidscommissie (1903)|}} {{#if: | * [[voorganger van::{{{Opvolger2}}}]]|}} {{#if: | * [[voorganger van::{{{Opvolger3}}}]]|}} {{#if: | * [[voorganger van::{{{Opvolger4}}}]]|}}

Hoger orgaan:

{{#if: | Hoger orgaan::|}}

Archief
{{#if: http://studiezaal.nijmegen.nl/ran/_detail.aspx?xmldescid=2126489336%7C Het archief van deze organisatie is in beheer bij het Regionaal Archief Nijmegen. De toegang met de beschrijving van de stukken is bereikbaar via deze link:
|}}

{{#if: | Vindplaats archief:|}}

{{#if: http://studiezaal.nijmegen.nl/ran/_detail.aspx?xmldescid=2126489336%7C
|}}{{#if: http://studiezaal.nijmegen.nl/ran/_detail.aspx?xmldescid=2126489336%7CNaar beschrijving archief|}}{{#if: | |}}

{{#if: Op 1 november 1865 kwam er ingevolge landelijke wetgeving van staatswege geneeskundig toezicht. De te Nijmegen bestaande 'plaatselijke commissie van geneeskundig toeverzicht' hield toen op te bestaan. Een jaar later woedde in Nederland een ernstige cholera-epidemie die ook aan Nijmegen niet voorbijging.|

Algemene context

Op 1 november 1865 kwam er ingevolge landelijke wetgeving van staatswege geneeskundig toezicht. De te Nijmegen bestaande 'plaatselijke commissie van geneeskundig toeverzicht' hield toen op te bestaan. Een jaar later woedde in Nederland een ernstige cholera-epidemie die ook aan Nijmegen niet voorbijging. |}}

{{#if: In 1866 werd op particulier initiatief de gezondheidscommissie opgericht, die zich ten doelt stelde de besmettelijke cholera-epidemie te beteugelen. In 1867 werd de commissie officieel ingesteld en kreeg zij taken op het gebied van gezondheid en hygiëne.

Op 5 september 1867 installeerde de burgemeester officieel een commissie die de naam 'plaatselijke gezondheidscommissie' kreeg.

De commissie, die jaarlijks rapporteerde over de stand van zaken op het gebied van gezondheid en hygiëne, had grote betekenis voor Nijmegen. Zij wees op tal van zwakke plekken in de openbare en persoonlijke hygiëne. Steeds maar weer maakte zij Burgemeester en Wethouders en de raadsleden attent op het tekort schieten van de lokale overheid. Die maakte volgens haar onvoldoende middelen vrij voor een verbetering van de leefomstandigheden in de stad. Ook zou het gemeentebestuur te weinig verordeningen afkondigen die de inwoners zouden kunnen verplichten tot het nalaten van voor de gezondheid schadelijke gebruiken en gewoonten.

Lang leek het erop dat de commissie tegen de bierkaai vocht. Bij de gemeente kreeg zij geen gewillig oor en soms liepen leden van de commissie zelfs rake klappen van burgers op als zij vermanend optraden. Uiteindelijk wierp het werk van de commissie toch vruchten af, soms omdat landelijke wetgeving spoorde met haar streven, soms omdat de gemeente tenslotte alsnog adviezen van de commissie opvolgde. Een lange opsomming van de verbeteringen op het terrein van de gezondheid kan gegeven worden:

  • de schoolartsen
  • een gereorganiseerde reinigingsdienst
  • een door de plaatselijke overheid verzorgde keuring van waren
  • voorschriften van de bouwpolitie en bouw- en woningtoezicht
  • het ruimen van krotten en het bouwen van arbeiderswoningen
  • aanpassingen in de algemene politieverordening
  • een gemeentelijk slachthuis

Gezondheidswet 1901

Een deel van de verbeteringen had plaats vóór de uitvaardiging van de Gezondheidswet van 1901, een deel erna. De Gezondheidswet bepaalde dat er nieuwe gemeentelijke gezondheidscommissies moesten komen. Een gezondheidscommissie volgens de nieuwe richtlijnen startte 1 december 1903. De Gezondheidswet markeerde de overgang van een afzijdige naar een actief ingrijpende overheid op het terrein van de gezondheidszorg. De wet gaf het gemeentebestuur en de plaatselijke gezondheidscommissie meer mogelijkheden en bevoegdheden om maatregelen te nemen ten behoeve van de volksgezondheid. Het geheel aan maatregelen leverde een belangrijke bijdrage aan het dalen van de sterftecijfers in Nijmegen. Overleden er in 1851 iets meer dan 38 mensen per 1000 inwoners, in 1875 waren dat er iets minder dan 36, in 1900 nog ruim 19 en in 1917 was dat aantal verder verminderd tot 13.

Vanaf 1937 werd de GGD opgericht, de gemeentelijke geneeskundige en gezondheidsdienst.|

Geschiedenis

In 1866 werd op particulier initiatief de gezondheidscommissie opgericht, die zich ten doelt stelde de besmettelijke cholera-epidemie te beteugelen. In 1867 werd de commissie officieel ingesteld en kreeg zij taken op het gebied van gezondheid en hygiëne.

Op 5 september 1867 installeerde de burgemeester officieel een commissie die de naam 'plaatselijke gezondheidscommissie' kreeg.

De commissie, die jaarlijks rapporteerde over de stand van zaken op het gebied van gezondheid en hygiëne, had grote betekenis voor Nijmegen. Zij wees op tal van zwakke plekken in de openbare en persoonlijke hygiëne. Steeds maar weer maakte zij Burgemeester en Wethouders en de raadsleden attent op het tekort schieten van de lokale overheid. Die maakte volgens haar onvoldoende middelen vrij voor een verbetering van de leefomstandigheden in de stad. Ook zou het gemeentebestuur te weinig verordeningen afkondigen die de inwoners zouden kunnen verplichten tot het nalaten van voor de gezondheid schadelijke gebruiken en gewoonten.

Lang leek het erop dat de commissie tegen de bierkaai vocht. Bij de gemeente kreeg zij geen gewillig oor en soms liepen leden van de commissie zelfs rake klappen van burgers op als zij vermanend optraden. Uiteindelijk wierp het werk van de commissie toch vruchten af, soms omdat landelijke wetgeving spoorde met haar streven, soms omdat de gemeente tenslotte alsnog adviezen van de commissie opvolgde. Een lange opsomming van de verbeteringen op het terrein van de gezondheid kan gegeven worden:

  • de schoolartsen
  • een gereorganiseerde reinigingsdienst
  • een door de plaatselijke overheid verzorgde keuring van waren
  • voorschriften van de bouwpolitie en bouw- en woningtoezicht
  • het ruimen van krotten en het bouwen van arbeiderswoningen
  • aanpassingen in de algemene politieverordening
  • een gemeentelijk slachthuis

Gezondheidswet 1901

Een deel van de verbeteringen had plaats vóór de uitvaardiging van de Gezondheidswet van 1901, een deel erna. De Gezondheidswet bepaalde dat er nieuwe gemeentelijke gezondheidscommissies moesten komen. Een gezondheidscommissie volgens de nieuwe richtlijnen startte 1 december 1903. De Gezondheidswet markeerde de overgang van een afzijdige naar een actief ingrijpende overheid op het terrein van de gezondheidszorg. De wet gaf het gemeentebestuur en de plaatselijke gezondheidscommissie meer mogelijkheden en bevoegdheden om maatregelen te nemen ten behoeve van de volksgezondheid. Het geheel aan maatregelen leverde een belangrijke bijdrage aan het dalen van de sterftecijfers in Nijmegen. Overleden er in 1851 iets meer dan 38 mensen per 1000 inwoners, in 1875 waren dat er iets minder dan 36, in 1900 nog ruim 19 en in 1917 was dat aantal verder verminderd tot 13.

Vanaf 1937 werd de GGD opgericht, de gemeentelijke geneeskundige en gezondheidsdienst. |Van deze organisatie is nog geen beschrijving beschikbaar.}}

{{#if: Het beteugelen van de cholera-epidemie.|

Taken en activiteiten

Het beteugelen van de cholera-epidemie. |}}

{{#if: |

Organisatie

|}}

{{#if: {{#if:1867-1903|locatie periode::1867-1903:|}}plaatsnaam::Nijmegen adres:: {{#if:|locatie in googlemaps|}}
|

Locatie

{{#if:1867-1903|locatie periode::1867-1903:|}}plaatsnaam::Nijmegen adres:: {{#if:|locatie in googlemaps|}}
|}} {{#if: |

|}} {{#if: In 1866 werd op particulier initiatief de gezondheidscommissie opgericht, die zich ten doelt stelde de besmettelijke cholera-epidemie te beteugelen. In 1867 werd de commissie officieel ingesteld en kreeg zij taken op het gebied van gezondheid en hygiëne.

Op 5 september 1867 installeerde de burgemeester officieel een commissie die de naam 'plaatselijke gezondheidscommissie' kreeg.

De commissie, die jaarlijks rapporteerde over de stand van zaken op het gebied van gezondheid en hygiëne, had grote betekenis voor Nijmegen. Zij wees op tal van zwakke plekken in de openbare en persoonlijke hygiëne. Steeds maar weer maakte zij Burgemeester en Wethouders en de raadsleden attent op het tekort schieten van de lokale overheid. Die maakte volgens haar onvoldoende middelen vrij voor een verbetering van de leefomstandigheden in de stad. Ook zou het gemeentebestuur te weinig verordeningen afkondigen die de inwoners zouden kunnen verplichten tot het nalaten van voor de gezondheid schadelijke gebruiken en gewoonten.

Lang leek het erop dat de commissie tegen de bierkaai vocht. Bij de gemeente kreeg zij geen gewillig oor en soms liepen leden van de commissie zelfs rake klappen van burgers op als zij vermanend optraden. Uiteindelijk wierp het werk van de commissie toch vruchten af, soms omdat landelijke wetgeving spoorde met haar streven, soms omdat de gemeente tenslotte alsnog adviezen van de commissie opvolgde. Een lange opsomming van de verbeteringen op het terrein van de gezondheid kan gegeven worden:

  • de schoolartsen
  • een gereorganiseerde reinigingsdienst
  • een door de plaatselijke overheid verzorgde keuring van waren
  • voorschriften van de bouwpolitie en bouw- en woningtoezicht
  • het ruimen van krotten en het bouwen van arbeiderswoningen
  • aanpassingen in de algemene politieverordening
  • een gemeentelijk slachthuis

Gezondheidswet 1901

Een deel van de verbeteringen had plaats vóór de uitvaardiging van de Gezondheidswet van 1901, een deel erna. De Gezondheidswet bepaalde dat er nieuwe gemeentelijke gezondheidscommissies moesten komen. Een gezondheidscommissie volgens de nieuwe richtlijnen startte 1 december 1903. De Gezondheidswet markeerde de overgang van een afzijdige naar een actief ingrijpende overheid op het terrein van de gezondheidszorg. De wet gaf het gemeentebestuur en de plaatselijke gezondheidscommissie meer mogelijkheden en bevoegdheden om maatregelen te nemen ten behoeve van de volksgezondheid. Het geheel aan maatregelen leverde een belangrijke bijdrage aan het dalen van de sterftecijfers in Nijmegen. Overleden er in 1851 iets meer dan 38 mensen per 1000 inwoners, in 1875 waren dat er iets minder dan 36, in 1900 nog ruim 19 en in 1917 was dat aantal verder verminderd tot 13.

Vanaf 1937 werd de GGD opgericht, de gemeentelijke geneeskundige en gezondheidsdienst.| {{#if: * Gruppelaar, L., 'Lokaal bestuur en gemeentelijke overheid te Nijmegen, 1851-1919', Gemeentearchief Nijmegen, 1994.

  • Gemeenteverslagen, 1865, p. 37; 1866, bijlage I; 1867, p. 12.
  • Velde, G.C.J. van der, "Gezondheidszorg te Nijmegen in de periode 1816-1865. De werkzaamheid van de plaatselijke Commissie van Geneeskundig Toevoorzicht", in Numaga, XIV (1967), pp. 15-40.|

Bronnen

  • Gruppelaar, L., 'Lokaal bestuur en gemeentelijke overheid te Nijmegen, 1851-1919', Gemeentearchief Nijmegen, 1994.
  • Gemeenteverslagen, 1865, p. 37; 1866, bijlage I; 1867, p. 12.
  • Velde, G.C.J. van der, "Gezondheidszorg te Nijmegen in de periode 1816-1865. De werkzaamheid van de plaatselijke Commissie van Geneeskundig Toevoorzicht", in Numaga, XIV (1967), pp. 15-40.

|}} |}}

{{#if: In 1866 werd op particulier initiatief de gezondheidscommissie opgericht, die zich ten doelt stelde de besmettelijke cholera-epidemie te beteugelen. In 1867 werd de commissie officieel ingesteld en kreeg zij taken op het gebied van gezondheid en hygiëne.

Op 5 september 1867 installeerde de burgemeester officieel een commissie die de naam 'plaatselijke gezondheidscommissie' kreeg.

De commissie, die jaarlijks rapporteerde over de stand van zaken op het gebied van gezondheid en hygiëne, had grote betekenis voor Nijmegen. Zij wees op tal van zwakke plekken in de openbare en persoonlijke hygiëne. Steeds maar weer maakte zij Burgemeester en Wethouders en de raadsleden attent op het tekort schieten van de lokale overheid. Die maakte volgens haar onvoldoende middelen vrij voor een verbetering van de leefomstandigheden in de stad. Ook zou het gemeentebestuur te weinig verordeningen afkondigen die de inwoners zouden kunnen verplichten tot het nalaten van voor de gezondheid schadelijke gebruiken en gewoonten.

Lang leek het erop dat de commissie tegen de bierkaai vocht. Bij de gemeente kreeg zij geen gewillig oor en soms liepen leden van de commissie zelfs rake klappen van burgers op als zij vermanend optraden. Uiteindelijk wierp het werk van de commissie toch vruchten af, soms omdat landelijke wetgeving spoorde met haar streven, soms omdat de gemeente tenslotte alsnog adviezen van de commissie opvolgde. Een lange opsomming van de verbeteringen op het terrein van de gezondheid kan gegeven worden:

  • de schoolartsen
  • een gereorganiseerde reinigingsdienst
  • een door de plaatselijke overheid verzorgde keuring van waren
  • voorschriften van de bouwpolitie en bouw- en woningtoezicht
  • het ruimen van krotten en het bouwen van arbeiderswoningen
  • aanpassingen in de algemene politieverordening
  • een gemeentelijk slachthuis

Gezondheidswet 1901

Een deel van de verbeteringen had plaats vóór de uitvaardiging van de Gezondheidswet van 1901, een deel erna. De Gezondheidswet bepaalde dat er nieuwe gemeentelijke gezondheidscommissies moesten komen. Een gezondheidscommissie volgens de nieuwe richtlijnen startte 1 december 1903. De Gezondheidswet markeerde de overgang van een afzijdige naar een actief ingrijpende overheid op het terrein van de gezondheidszorg. De wet gaf het gemeentebestuur en de plaatselijke gezondheidscommissie meer mogelijkheden en bevoegdheden om maatregelen te nemen ten behoeve van de volksgezondheid. Het geheel aan maatregelen leverde een belangrijke bijdrage aan het dalen van de sterftecijfers in Nijmegen. Overleden er in 1851 iets meer dan 38 mensen per 1000 inwoners, in 1875 waren dat er iets minder dan 36, in 1900 nog ruim 19 en in 1917 was dat aantal verder verminderd tot 13.

Vanaf 1937 werd de GGD opgericht, de gemeentelijke geneeskundige en gezondheidsdienst.|

Verantwoording

{{#if: |Inleiding van de toegang op het archief door .|}} {{#if:|()|}}

|}}


{{#if: 15.1 Medische instellingen| |}} {{#if: 15.3 Ziektebestrijding| |}} {{#if: | [[Categorie:]] |}} {{#if: | [[Categorie:]] |}}

{{#if:101| |}} Bewerking van de resultaten van onderzoek, gedaan in de jaren 1994-1996, naar lokaal bestuur en gemeentelijke overheid in Nijmegen door Lisette Kuijper (Regionaal Archief Nijmegen, 2010)