header wiki – Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Klooster Groesbeekshof

Uit Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Ga naar: navigatie, zoeken
Algemene gegevens vrouwenklooster
Straatnaam : Begijnenstraat
Orde: Franciscaanse orde
In gebruik vanaf: circa 1460
In gebruik tot en met: 1591


Stichting[bewerken]

Het klooster Groesbeekshof is een van de minst bekende religieuze stichtingen in Nijmegen. Dit klooster is waarschijnlijk in de veertiende eeuw begonnen als begijnhuis, dan simpelweg het begijnenhuis of Oud Begijnhof geheten. De eerste vermelding van dit huis dateert uit het jaar 1336. In de vroege vijftiende eeuw werd gesproken van het begijnhuis aan de Begijnengas, ook hier zonder nadere toelichting.

De naam Groesbeekshuis verscheen voor het eerst in 1442. Kort daarvoor heeft jonkvrouw Elisabeth van Groesbeek haar woning, die vlak naast het begijnhuis gelegen was, aan de gemeenschap geschonken. Het huis werd vanaf die tijd Groesbeekshuis genoemd, naar de naam van de weldoenster. De naam Groesbeekshof verscheen overigens pas in 1493 voor de eerste maal in de bronnen.[1]

Regel[bewerken]

Het is waarschijnlijk dat het begijnhuis in 1460 tot een convent werd omgevormd. Op 1 juli van dat jaar zouden de begijnen namelijk in aanwezigheid van Jacobus Brenter, prior van het minderbroederklooster in de stad, de Derde regel van St. Franciscus hebben aangenomen.

Omvang[bewerken]

Een grote gemeenschap is Groesbeekshof nooit geweest. In 1460 was er sprake van zeven zusters. Zij waren gehuisvest tussen de Begijnengas en de Papengas. Van een ‘werkelijk’ kloostergebouw is waarschijnlijk nooit sprake geweest; het complex bestond eerder uit een aantal kleine huizen, met een paar schuren en hofjes. Een kapel hebben zij zeker nooit gehad.

Sluiting[bewerken]

Na de definitieve opheffing van het klooster in 1591 als gevolg van het Beleg van Nijmegen werd het complex in afzonderlijke percelen verdeeld, die werden verpacht of als armenhuisjes beschikbaar werden gesteld. Rond 1646 kwam een groot deel van het complex in bezit van het Burger Kinderen Weeshuis, dat nog in dezelfde jaren de gebouwen afbrak om plaats te maken voor een uitbreiding. Van het klooster resteert nu niets meer. Wel leeft in de naam Begijnenstraat, de huidige naam voor de Begijnengas, de herinnering voort aan de vroegere bewoonsters.

Voetnoten[bewerken]

  1. Schepenprotocol 1493, 18v: Groesbeeckshoff; Gorissen, F. (red), Stedeatlas (Kleef 1956) 120. Ook Van Schevichaven noemt dit protocol (door hem gedateerd 4a pt. Sixti 1493) en hij citeert eveneens Groesbeecks hof; Oud-Nijmegens kerken 26 (hij noemt het zelfs twee keer).

Bronnen[bewerken]

  • Cissen, M., Vrouwenkloosters en begijnhuizen in Nijmegen, Nijmegen, 2004.
  • Gorissen, F. (red.), Stedeatlas van Nijmegen, Kleef, 1956, p. 120.

Verwijzingen[bewerken]

Verantwoording[bewerken]

Bewerking van Martijn Cissen, Vrouwenkloosters en begijnhuizen in Nijmegen (Nijmegen, 2004) door Lisette Kuijper (Regionaal Archief Nijmegen, 2010)

KENNISBANK
Verder graven in de historie van stad en omgeving
FACEBOOK
Op de hoogte blijven van het laatste nieuws van het Huis
EDUCATIE
Projecten en maatwerk voor het onderwijs
VERHALEN
Verteld verleden