header wiki – Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Nederlands Verbond van Vakverenigingen, afdeling Nijmegen

Uit Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Ga naar: navigatie, zoeken
Algemene gegevens
Naam : Nederlands Verbond van Vakverenigingen, afdeling Nijmegen
Andere naam (namen):
  • N.V.V. Bestuurdersbond Nijmegen
  • Nijmeegse Bestuurdersbond
  • NBB
  • NVV Nijmegen
Bestaansperiode: 1906 - 1981
Rechtsvorm: Vereniging
Voorganger(s):

Opvolger(s):

Hoger orgaan:

Archief
Het archief van deze organisatie is in beheer bij het Regionaal Archief Nijmegen. De toegang met de beschrijving van de stukken is bereikbaar via deze link:
Icoon archief.png
Naar beschrijving archief

Algemene context

De eerste Nederlandse vakbond werd in 1866 opgericht: de Algemeene Nederlandsche Typografenbond (ANTB). Na de ANTB volgde een hele reeks algemene, dat wil zeggen niet-confessionele, vakbonden. In 1893 richtten deze bonden samen met de Sociaal-Democratische Bond (SDB, een politieke partij) de eerste Nederlandse vakcentrale op: het Nationaal Arbeids-Secretariaat (NAS). In 1900 ging de SDB op in de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (SDAP), die op haar beurt toetrad tot het NAS. Tussen het 'anarchistische' NAS en de 'parlementaire' SDAP ontstond echter frictie, met name na de mislukte spoorwegstakingen van 1903. In 1906 trad de SDAP, met in haar kielzog enkele algemene bonden, uit het NAS en richtte een nieuwe vakcentrale op: het Nederlands Verbond van Vakverenigingen (NVV). De oprichting van het NVV betekende aanvankelijk een versplintering van de algemene vakbeweging; de algemene vakbonden kozen namelijk verschillend partij of hielden zich afzijdig van beide vakcentrales. Gaandeweg bleek het NVV echter succesvol; rond 1920 vertegenwoordigde het al zo'n kwart miljoen arbeiders. Op last van de Duitse bezetter werden in 1940 alle niet-confessionele vakbonden en vakcentrales bij het NVV gevoegd, dat werd omgevormd tot een nationaalsocialistische mantelorganisatie. In 1941 werden ook de confessionele bonden en centrales bij het NVV gevoegd en in 1942, tenslotte, werd het NVV opgeheven om plaats te maken voor het Nationaal Arbeidsfront (NAF). Na de bevrijding, in 1945, volgde de heroprichting van het NVV, dat spoedig uitgroeide tot de grootste Nederlandse vakcentrale. In 1972 trad het met de confessionele vakcentrales in overleg om tot een federatie te komen. De uitkomst hiervan was dat het met het Nederlands Katholiek Vakverbond (NKV) in 1976 de Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV) oprichtte. Op 1 januari 1982 hieven het NVV en het NKV zichzelf op en ging de FNV door als zelfstandig vakcentrale.

Geschiedenis

In 1906 richtten de lokale afdelingen van de SDAP en van de algemene bonden die uit het NAS getreden waren de Nijmeegsche Bestuurdersbond (NBB) op als filiaal van het NVV. Bij oprichting vertegenwoordigde de NBB zo'n honderd arbeiders, in 1920 zo'n tweeduizend. De NBB ondervond in het overwegend katholieke Nijmegen veel weerstand. Een verenigingsgebouw, het Eigen Gebouw van de Moderne Arbeidersbeweging (EGMA) aan de Berg en Dalseweg, kon pas in 1921 verworven worden. In 1955 ging de organisatie de naam van de landelijke vakcentrale voeren. Op 3 april 1978 vormde de afdeling met de Nijmeegse afdeling van het NKV een federatie. Op 1 januari 1982 fuseerden beide afdelingen met elkaar tot de afdeling Nijmegen van de FNV.

Taken en activiteiten

Het doel van het NVV was de behartiging van de belangen van de Nederlandse werknemers en hun gezinnen, in het bijzonder voor zover deze lagen op het terrein van de arbeid. De taak van de afdeling was het behartigen van deze belangen op lokaal niveau. Collectieve belangen behartigde ze door, samen met overheid, werkgeversorganisaties en andere werknemersorganisaties, zitting te nemen in plaatselijke advies- en overlegcommissies. Individuele belangen van leden behartigde zij door hulp te bieden bij arbeidsconflicten, bij het invullen van belastingformulieren en bij het aanvragen van uitkeringen.

Organisatie

De afdeling werd gevormd door alle leden van vakbonden aangesloten bij het NVV woon- of werkachtig in Nijmegen en omgeving. De leden kwamen jaarlijks bijeen om een nieuw afdelingsbestuur te kiezen, waarvan de kandidaten meestal werden voorgedragen door de plaatselijke bondafdelingen. Het bestuur bestond, afhankelijk van de grootte van de afdeling, uit vijf, zeven of negen leden. Het bestuur behandelde lopende zaken en vaardigde vertegenwoordigers af naar plaatselijke advies- en overlegcommissies.

Locatie

1906-1981: Nijmegen

Bronnen

  • E. Hueting, F. de Jong Edz. en R. Neij, Naar groter eenheid. De geschiedenis van het Nederlands Verbond van Vakverenigingen 1906-1981, Amsterdam 1983.
  • S. van der Velden, Werknemers georganiseerd. Een geschiedenis van de vakbeweging bij het honderdjarig jubileum van de Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV), Amsterdam 2005.
  • J. Biemans, 'Geschiedenis', in: NVV-Nijmegen 1906-1976, Nijmegen, 1976, p. 1-4.
  • B. Reinalda, 'Voorgeschiedenis en ontstaan van de Nijmeegse vakbeweging', in: B. Reinalda (samenst.), De vroege jaren van de Nijmeegse vakbeweging, Nijmegen 1983, p. 33-55.
  • M. Alofs, Zorgelijke tijden. De Nijmeegse vakbeweging tussen 1919 en 1942, Nijmegen 1986.

Verantwoording

Inleiding van de toegang op het archief door Andreas Caspers. (2017)



KENNISBANK
Verder graven in de historie van stad en omgeving
FACEBOOK
Op de hoogte blijven van het laatste nieuws van het Huis
EDUCATIE
Projecten en maatwerk voor het onderwijs
VERHALEN
Verteld verleden