Sociale Raad

Uit Het Digitale Huis
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Let op: deze website is momenteel onder constructie. Helaas zullen hierdoor niet alle pagina's naar behoren functioneren. Onze excuses voor het ongemak!

Algemene gegevens
Naam : Sociale Raad
Andere naam (namen):

{{#if: Armenraad (1913-1950)| * Andere naam::Armenraad (1913-1950)|}} {{#if: | * [[Andere naam::{{{Andere naam2}}}]]|}} {{#if: | * [[Andere naam::{{{Andere naam3}}}]]|}} {{#if: | * [[Andere naam::{{{Andere naam4}}}]]|}}

Bestaansperiode: Beginjaar::1913 - Eindjaar::1964
Rechtsvorm: Rechtsvorm::Overheid
Voorganger(s):

{{#if: | * [[opvolger van::{{{Voorganger1}}}]]|}} {{#if: | * [[opvolger van::{{{Voorganger2}}}]]|}} {{#if: | * [[opvolger van::{{{Voorganger3}}}]]|}} {{#if: | * [[opvolger van::{{{Voorganger4}}}]]|}}

Opvolger(s):

{{#if: Raad voor Maatschappelijke Opbouw Nijmegen| * voorganger van::Raad voor Maatschappelijke Opbouw Nijmegen|}} {{#if: | * [[voorganger van::{{{Opvolger2}}}]]|}} {{#if: | * [[voorganger van::{{{Opvolger3}}}]]|}} {{#if: | * [[voorganger van::{{{Opvolger4}}}]]|}}

Hoger orgaan:

{{#if: | Hoger orgaan::|}}

Archief
{{#if: https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?id=2126482161%7C Het archief van deze organisatie is in beheer bij het Regionaal Archief Nijmegen. De toegang met de beschrijving van de stukken is bereikbaar via deze link:
|}}

{{#if: | Vindplaats archief:|}}

{{#if: https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?id=2126482161%7C
|}}{{#if: https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?id=2126482161%7CNaar beschrijving archief|}}{{#if: | |}}

{{#if: De Armenwet van 1854 bepaalde dat de armenzorg vooral een taak voor de kerken was. De lokale overheid gaf alleen zorg daar waar de kerken tekortschoten. Daarbij stelde de uit 1818 daterende Wet op het domicilie van onderstand dat de kosten voor bijstand van een behoeftige voor rekening kwamen van de gemeente waar de hij of zij was geboren of de laatste vier jaar had gewoond. Dit leidde vanaf het begin tot slepende ruzies tussen armbesturen en gemeenten over wie moest betalen.

Een herziening van de Armenwet in 1912 moest hiervoor een oplossing bieden. De herziene wet voorzag in de oprichting van lokale armenraden, die binnen een jaar na aanvraag van een bedeelde via het provinciebestuur de kosten voor bijstand konden laten vorderen bij de herkomstgemeente.

Toen per 1 januari 1965 de Algemene Bijstandswet in werking trad en de Armenwet werd ingetrokken, betekende dat het einde voor de Armenraden.|

Algemene context

De Armenwet van 1854 bepaalde dat de armenzorg vooral een taak voor de kerken was. De lokale overheid gaf alleen zorg daar waar de kerken tekortschoten. Daarbij stelde de uit 1818 daterende Wet op het domicilie van onderstand dat de kosten voor bijstand van een behoeftige voor rekening kwamen van de gemeente waar de hij of zij was geboren of de laatste vier jaar had gewoond. Dit leidde vanaf het begin tot slepende ruzies tussen armbesturen en gemeenten over wie moest betalen.

Een herziening van de Armenwet in 1912 moest hiervoor een oplossing bieden. De herziene wet voorzag in de oprichting van lokale armenraden, die binnen een jaar na aanvraag van een bedeelde via het provinciebestuur de kosten voor bijstand konden laten vorderen bij de herkomstgemeente.

Toen per 1 januari 1965 de Algemene Bijstandswet in werking trad en de Armenwet werd ingetrokken, betekende dat het einde voor de Armenraden. |}}

{{#if: Bij Koninklijk Besluit van 29 mei 1913 werd in Nijmegen een Armenraad ingesteld. Op 4 september vond de eerste vergadering plaats. Deelname aan de raad geschiedde op vrijwillige basis. Aanvankelijk namen de volgende instellingen plaats:

  • Het Burgerlijk Armbestuur
  • Het Oud Burgeren Gasthuis
  • De Ellendige en andere Gevoegde Broederschappen;
  • Verschillende diaconieën
  • Het RK parochiaal armbestuur uit de stad en dat van Hees en Neerbosch
  • Het Armbestuur der Nederlands Israëlitische Gemeente
  • De afdeling der Vereeniging van den H. Vincentius à Paulo
  • De dames-vereeniging van de H. Elisabeth
  • Vereeniging ‘Hulpbetoon’
  • Liefdewerk voor Kinderbescherming der St. Vincentiusvereniging.

In de loop der decennia groeide dit aantal flink uit: eind 1960 waren 79 instellingen bij de raad aangesloten. Midden jaren vijftig al vormde de Armenraad, inmiddels Sociale Raad geheten, de spil in het maatschappelijk werk in de gemeente Nijmegen.

In 1964 werd de opvolger van de Sociale Raad ingesteld, namelijk de Raad voor Maatschappelijke Opbouw Nijmegen (RMO).|

Geschiedenis

Bij Koninklijk Besluit van 29 mei 1913 werd in Nijmegen een Armenraad ingesteld. Op 4 september vond de eerste vergadering plaats. Deelname aan de raad geschiedde op vrijwillige basis. Aanvankelijk namen de volgende instellingen plaats:

  • Het Burgerlijk Armbestuur
  • Het Oud Burgeren Gasthuis
  • De Ellendige en andere Gevoegde Broederschappen;
  • Verschillende diaconieën
  • Het RK parochiaal armbestuur uit de stad en dat van Hees en Neerbosch
  • Het Armbestuur der Nederlands Israëlitische Gemeente
  • De afdeling der Vereeniging van den H. Vincentius à Paulo
  • De dames-vereeniging van de H. Elisabeth
  • Vereeniging ‘Hulpbetoon’
  • Liefdewerk voor Kinderbescherming der St. Vincentiusvereniging.

In de loop der decennia groeide dit aantal flink uit: eind 1960 waren 79 instellingen bij de raad aangesloten. Midden jaren vijftig al vormde de Armenraad, inmiddels Sociale Raad geheten, de spil in het maatschappelijk werk in de gemeente Nijmegen.

In 1964 werd de opvolger van de Sociale Raad ingesteld, namelijk de Raad voor Maatschappelijke Opbouw Nijmegen (RMO). |Van deze organisatie is nog geen beschrijving beschikbaar.}}

{{#if: De raad had een adviserende taak ten behoeve van verschillende instellingen die zich bezig hielden met armenzorg. Doel was om deze instellingen te laten samenwerken.

Behalve met coördinerende en administratief-controlerende werkzaamheden hield de raad zich ook bezig met raadgevende taken. Mensen in geldnood kregen advies over manieren hoe ze toch aan geld konden komen. De raad deed onderzoek naar de omstandigheden van hulpbehoevenden, verstrekte hen advies en verleende eventueel bemiddeling. Ook het bijhouden van een Centraal Register van Inlichtingen ten dienste van instellingen van weldadigheid en overheidsinstanties behoorde tot zijn taak. Het register had mede als doel om misbruik te voorkomen.

Langzamerhand ging de raad zich op een veel breder terrein bewegen. Na de Tweede Wereldoorlog verrichte hij vooral coördinerend werk in de sector van het maatschappelijk werk. Hieruit ontstonden allerlei samenwerkingsverbanden, zoals in 1951 de Stichting Nijmeegse Jeugdraad en de Stichting Huishoudelijke en Gezinsvoorlichting, in 1956 de Contactcommissie Sociaal-Cultureel Werk voor Bejaarden.|

Taken en activiteiten

De raad had een adviserende taak ten behoeve van verschillende instellingen die zich bezig hielden met armenzorg. Doel was om deze instellingen te laten samenwerken.

Behalve met coördinerende en administratief-controlerende werkzaamheden hield de raad zich ook bezig met raadgevende taken. Mensen in geldnood kregen advies over manieren hoe ze toch aan geld konden komen. De raad deed onderzoek naar de omstandigheden van hulpbehoevenden, verstrekte hen advies en verleende eventueel bemiddeling. Ook het bijhouden van een Centraal Register van Inlichtingen ten dienste van instellingen van weldadigheid en overheidsinstanties behoorde tot zijn taak. Het register had mede als doel om misbruik te voorkomen.

Langzamerhand ging de raad zich op een veel breder terrein bewegen. Na de Tweede Wereldoorlog verrichte hij vooral coördinerend werk in de sector van het maatschappelijk werk. Hieruit ontstonden allerlei samenwerkingsverbanden, zoals in 1951 de Stichting Nijmeegse Jeugdraad en de Stichting Huishoudelijke en Gezinsvoorlichting, in 1956 de Contactcommissie Sociaal-Cultureel Werk voor Bejaarden. |}}

{{#if: Het bestuur bestond uit negen leden die uit hun midden een dagelijks bestuur van drie leden kozen. De raad had een ambtenaar en een armbezoeker in dienst.

De secretaris van de raad was een rijksambtenaar. Zijn wedde kwam ten laste van het rijk. De salarissen van het overige personeel (in de jaren 1960 uitgroeiend tot zes personen) en de kosten van het bureau kwamen voor rekening van de gemeente.|

Organisatie

Het bestuur bestond uit negen leden die uit hun midden een dagelijks bestuur van drie leden kozen. De raad had een ambtenaar en een armbezoeker in dienst.

De secretaris van de raad was een rijksambtenaar. Zijn wedde kwam ten laste van het rijk. De salarissen van het overige personeel (in de jaren 1960 uitgroeiend tot zes personen) en de kosten van het bureau kwamen voor rekening van de gemeente. |}}

{{#if: {{#if:1913-1959|locatie periode::1913-1959:|}}plaatsnaam::Nijmegen adres::St. Stevenskerkhof 2 {{#if:51.847620,5.862950|locatie in googlemaps|}}

{{#if:1959-1964|locatie periode::1959-1964:|}}plaatsnaam::Nijmegen adres::Sloetstraat 14 {{#if:51.840918,5.862065|locatie in googlemaps|}}
|

Locatie

{{#if:1913-1959|locatie periode::1913-1959:|}}plaatsnaam::Nijmegen adres::St. Stevenskerkhof 2 {{#if:51.847620,5.862950|locatie in googlemaps|}}

{{#if:1959-1964|locatie periode::1959-1964:|}}plaatsnaam::Nijmegen adres::Sloetstraat 14 {{#if:51.840918,5.862065|locatie in googlemaps|}}
|}} {{#if: |

|}} {{#if: Bij Koninklijk Besluit van 29 mei 1913 werd in Nijmegen een Armenraad ingesteld. Op 4 september vond de eerste vergadering plaats. Deelname aan de raad geschiedde op vrijwillige basis. Aanvankelijk namen de volgende instellingen plaats:

  • Het Burgerlijk Armbestuur
  • Het Oud Burgeren Gasthuis
  • De Ellendige en andere Gevoegde Broederschappen;
  • Verschillende diaconieën
  • Het RK parochiaal armbestuur uit de stad en dat van Hees en Neerbosch
  • Het Armbestuur der Nederlands Israëlitische Gemeente
  • De afdeling der Vereeniging van den H. Vincentius à Paulo
  • De dames-vereeniging van de H. Elisabeth
  • Vereeniging ‘Hulpbetoon’
  • Liefdewerk voor Kinderbescherming der St. Vincentiusvereniging.

In de loop der decennia groeide dit aantal flink uit: eind 1960 waren 79 instellingen bij de raad aangesloten. Midden jaren vijftig al vormde de Armenraad, inmiddels Sociale Raad geheten, de spil in het maatschappelijk werk in de gemeente Nijmegen.

In 1964 werd de opvolger van de Sociale Raad ingesteld, namelijk de Raad voor Maatschappelijke Opbouw Nijmegen (RMO).| {{#if: *

  • Gemeenteverslag, 1913.
  • Gruppelaar, L., Lokaal bestuur en gemeentelijke overheid te Nijmegen, 1851-1919, Gemeentearchief Nijmegen, Nijmegen, 1994.
  • Nabuurs, N., Lokaal bestuur en gemeentelijke overheid te Nijmegen, 1945-1984, Gemeentearchief Nijmegen, Nijmegen, 1996.|

Bronnen

  • Gemeenteverslag, 1913.
  • Gruppelaar, L., Lokaal bestuur en gemeentelijke overheid te Nijmegen, 1851-1919, Gemeentearchief Nijmegen, Nijmegen, 1994.
  • Nabuurs, N., Lokaal bestuur en gemeentelijke overheid te Nijmegen, 1945-1984, Gemeentearchief Nijmegen, Nijmegen, 1996.

|}} |}}

{{#if: Bij Koninklijk Besluit van 29 mei 1913 werd in Nijmegen een Armenraad ingesteld. Op 4 september vond de eerste vergadering plaats. Deelname aan de raad geschiedde op vrijwillige basis. Aanvankelijk namen de volgende instellingen plaats:

  • Het Burgerlijk Armbestuur
  • Het Oud Burgeren Gasthuis
  • De Ellendige en andere Gevoegde Broederschappen;
  • Verschillende diaconieën
  • Het RK parochiaal armbestuur uit de stad en dat van Hees en Neerbosch
  • Het Armbestuur der Nederlands Israëlitische Gemeente
  • De afdeling der Vereeniging van den H. Vincentius à Paulo
  • De dames-vereeniging van de H. Elisabeth
  • Vereeniging ‘Hulpbetoon’
  • Liefdewerk voor Kinderbescherming der St. Vincentiusvereniging.

In de loop der decennia groeide dit aantal flink uit: eind 1960 waren 79 instellingen bij de raad aangesloten. Midden jaren vijftig al vormde de Armenraad, inmiddels Sociale Raad geheten, de spil in het maatschappelijk werk in de gemeente Nijmegen.

In 1964 werd de opvolger van de Sociale Raad ingesteld, namelijk de Raad voor Maatschappelijke Opbouw Nijmegen (RMO).|

Verantwoording

{{#if: Hylke Roodenburg|Inleiding van de toegang op het archief door Hylke Roodenburg.|}} {{#if:2018|(2018)|}}

|}}


{{#if: 14.1 Armenzorg en liefdadigheid| |}} {{#if: | [[Categorie:]] |}} {{#if: | [[Categorie:]] |}} {{#if: | [[Categorie:]] |}}

{{#if:7| |}}