Tram

Uit Het Digitale Huis
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Let op: deze website is momenteel onder constructie. Helaas zullen hierdoor niet alle pagina's naar behoren functioneren. Onze excuses voor het ongemak!

Het openbaar vervoer tussen Nijmegen en omliggende steden en dorpen werd tot diep in de negentiende eeuw onderhouden met diligences. Pas na de opening van de spoorweg Nijmegen-Kleef in 1865 werden de diligences geleidelijk aan vervangen door treinen en trams. De Nijmeegsche Tramweg-Maatschappij exploiteerde in de jaren 1889-1911 de stoomtramlijnen Nijmegen-Ubbergen-Beek, Nijmegen-Berg en Dal en Nijmegen-Hees-Neerbosch. Daarnaast exploiteerde zij de paardentramlijn Nijmegen (Molenstraat)-St. Anna. Op laatstgenoemde lijn waren zogenaamde ritpenningen in gebruik: geelkoperen penningen van twaalf mm doorsnee met een gevleugeld wiel en de letters N.T.M. en op de andere zijde de tekst ‘Nijmegen-St. Anna, 1 rit’. Het gebruik van deze penningen voor een tramlijn was een unicum in Nederland. De eerste elektrische tramrit konden de Nijmegenaren pas in 1911 maken: van het Keizer Karelplein naar het begin van de Berg en Dalseweg. Daaraan lag een raadsbesluit uit 1907 ten grondslag waarbij werd besloten tot de bouw van een elektrische centrale en de aanleg van een elektrisch tramnet.

Bronnen

Regionaal Archief Nijmegen, Wetenschappelijke correspondentie, inv.nr. 566-10a (1960-1987).


Commentaar

<comments hideForm="false"/> of, lees de overige commentaren ...