header wiki – Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Vereniging Nijmeegs Ambachtsbloei

Uit Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Ga naar: navigatie, zoeken
Algemene gegevens
Naam : Vereniging Nijmeegs Ambachtsbloei
Andere naam (namen):
  • Vereniging Nijmeeg’s Ambachtsbloei

Bestaansperiode: 1861 - 1926
Rechtsvorm: Stichting
Voorganger(s):

Opvolger(s):

Hoger orgaan:

Archief
Het archief van deze organisatie is in beheer bij het Regionaal Archief Nijmegen. De toegang met de beschrijving van de stukken is bereikbaar via deze link:
Icoon archief.png
Naar beschrijving archief

Algemene context

In het midden van de negentiende eeuw ging het Nederland en Nijmegen in het bijzonder economisch niet voor de wind. Levensmiddelen waren duur en werklieden hadden moeite om rond te komen. De Kamer van Koophandel en Fabrieken wilde verbetering brengen in de levensomstandigheden van de werkman.

Geschiedenis

Oprichting

Op initiatief van de Kamer van Koophandel en Fabrieken richtten zeventig werkbazen en fabrikanten op 27 september 1861 de vereniging op om een fonds in te stellen waarmee werklieden die een ongeluk hadden gekregen zes weken lang een ondersteuning van f 2,50 kregen. De fabrikanten en werkbazen droegen jaarlijks een bedrag bij, de werklieden wekelijks. Burgemeester Bijleveld werd beschermheer van de vereniging, die geen eigen gebouw had maar vaak bijeenkwam in hotels.

Het fonds bleek al snel voldoende gevuld te zijn om ook zieken die minstens drie jaar bij de aangesloten werkbazen werkten van steun te kunnen voorzien. Na een flinke schenking kon het fonds ook aan ‘ouden van dagen’ enige ondersteuning bieden.

Geldproblemen

Twintig jaar na oprichting was het bedrag in kas echter flink geslonken. Steeds meer aangesloten leden maakten aanspraak op het fonds terwijl nieuwe aanwas uitbleef. De vereniging vroeg daarop om steun van de gemeente en riep werkbazen, fabrikanten en architecten op zich aan te sluiten. Rond 1890 kwakkelde de vereniging echter nog steeds. Oplevingen en neergang in aantallen donateurs volgden elkaar in de loop van het bestaan regelmatig op.

Verdere verbeteringen van werkomstandigheden

Ambachtsbloei breidde haar activiteiten ter verbetering van de positie van de werklieden verder uit. Zo regelde zij loonsverhoging en bracht zij de verzekering van werklieden ter sprake. In 1896 stelde Ambachtsbloei een Arbeidsraad in die voor de bouw en aanverwante vakken loontarieven vaststelde. Ook de gemeente hield bij de betaling van losse werklieden deze tarieven in het oog. Dit leidde tot enige ophef bij niet-aangesloten werkbazen.

Rond 1900 hadden voorname architecten en patroons, zoals gemeentearchitect J.J. Weve en W.J.H. van der Waarden zich aangesloten.

Tijdens het 50-jarig jubileum in 1911 wees de voorzitter op de vooruitgang die de vereniging had geboekt, bijvoorbeeld ‘dat 50 jaren geleden de werkman 8 cent verdiende en thans 21 cent per uur, terwijl de werktijd met 2½ uur per dag werd verkort en des Zaterdags thans 3 uren vroeger wordt beëindigd dan in 1861’.

Neergang en opheffing

De belangstelling voor de vereniging nam daarna elk jaar af. Ook het doel van de vereniging behoorde niet meer tot haar competenties. Op 2 januari 1926 – er waren nog slechts 11 patroons als lid ingeschreven – besloten de bij de algemene vergadering aanwezige leden tot opheffing van de vereniging. Het Van Schaeck Mathonfonds was bereid om de bezittingen van de vereniging over te nemen. Gepensioneerde oud-leden van Ambachtsbloei kregen in ruil hiervoor jaarlijks een uitkering uit het fonds.

Taken en activiteiten

Het voornaamste doel was het ondersteunen van handwerkslieden – in dienst van patroons – na een ongeluk, bij ziekte en bij ouderdom. Later werd het doel meer algemeen het verbeteren van de stoffelijke belangen van de handwerksman. De aangesloten werkbazen spraken bijvoorbeeld onderling vaste lonen voor hun werklieden af.

Organisatie

De vereniging had een bestuur met een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. Bij de leden maakte men onderscheid in patroons en werklieden.

Locatie

1861-1926: Nijmegen

Bronnen

  • De Gelderlander, 26 april 1881, p. 3.
  • Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant, 28 september 1911, p. 1.

Verantwoording

Inleiding van de toegang op het archief door Hylke Roodenburg. (2020)



KENNISBANK
Verder graven in de historie van stad en omgeving
FACEBOOK
Op de hoogte blijven van het laatste nieuws van het Huis
EDUCATIE
Projecten en maatwerk voor het onderwijs
VERHALEN
Verteld verleden